Podcast

Lees meer over Gé

Dat Gé gevangenisstraf kreeg, snapte hij ergens wel. Hij had iets gedaan wat niet mocht. Maar tbs met dwangverpleging? Die jongens hadden misschien niet gevraagd om zijn aanrakingen, maar geklaagd hadden ze ook niet. In de kliniek leert Gé dat er verschil is tussen vriendschap, intimiteit en seksualiteit. Zo lukt het hem om een nieuwe start te maken.

In de gevangenis doet Gé er alles aan om niet op te vallen. Pedoseksuelen staan onderaan de ladder, leert hij al snel. In de tbs-kliniek moest juist álles op tafel: familierelaties, seksuele ontwikkeling, vriendschappen, tegenvallers en beperkingen. Zo had hij nog nooit naar zichzelf gekeken. Langzaam leert hij inzien dat zijn oude gedrag absoluut niet kan. 

“Het was nooit eerder tot mij doorgedrongen dat ik kinderen had beschadigd.” 

De confrontatie met zijn verleden is heftig. Gé’s ouders hadden seks waar en wanneer ze zin hadden. Met andere stellen en met de eigen kinderen; ervaringen die Gé “ergens ver had weggestopt”. In sociale contacten voelde hij zich altijd onhandig. Vrouwen vond hij bedreigend, mannen keken vaak op hem neer. Relaties met volwassenen mislukten. Maar van kinderen kreeg hij de bewondering. 

Kinderen accepteerden mij gewoon zoals ik was. Voor volwassenen was ik altijd die sukkel.”

Gé ontmoette de jongeren op de sportclub en in de buurt. Hij verleidde ze met snoep, films en games. “Ouders vertrouwden mij. Ik was de behulpzame vrijwilliger die zo goed met de jeugd omging.” Na de eerste keer dat hij te ver was gegaan, was Gé er volledig van overtuigd dat de knul zelf seks had gewild. Andere slachtoffers volgden. 

Zijn aanhouding komt als een puber doorslaat en zijn ouders vertelt dat Gé aan hem heeft gezeten. Op grond van psychiatrisch onderzoek veroordeelt de rechter hem tot tbs met dwangverpleging. Gé behoort tot de 80% pedoseksuelen die seks heeft met kinderen zonder dat er een speciale aantrekkingskracht is. Vanwege autisme en geestelijke armoede is zijn inlevingsvermogen beperkt ontwikkeld.  

De tbs-kliniek stippelt een intensief traject uit met Gé. Het doel is dat hij een nieuw leven opbouwt waarin het risico op herhaling minimaal is. Gé is “blij met alle hulp”. Hij leert hoe hij oud gedrag kan herkennen en voorkomen, hoe hij structuur aanbrengt in zijn leven en sociale contacten opbouwt en onderhoudt. Het resocialisatieproces vindt plaats onder toezicht van de reclassering. Na begeleide en onbegeleide verlofperiodes krijgt Gé toestemming om op zichzelf te gaan wonen. Behoefte aan seks met jongeren heeft hij dan al lang niet meer.

“Ik ben dankbaar voor mijn nieuwe leven, maar ik schaam me voor wat ik heb gedaan.”

Buiten de muren van de kliniek krijgt Gé afwijzingen en sociale tegenslagen te verwerken: “Mensen zoals ik zijn besmet.” Met hulp van getrainde vrijwilligers voorkomt hij dat hij in een sociaal isolement belandt – het grootste risico voor terugval. Inmiddels heeft Gé een baan en een paar hobby’s. Hij heeft vertrouwen in de toekomst. Zijn droom is dat hij een vriendin vindt die met zijn fouten uit het verleden kan leven. 

Andere patiënten